Op de kalender volgen ze elkaar op: heilige mannen, vrouwen en kinderen. Weet iemand eigenlijk nog hoeveel heiligen er zijn? Is er echt een mirakel nodig vooraleer de Kerk iemand als heilige erkent? Prof. dr. Hans Geybels (KU Leuven) zocht het voor ons uit.
Heiligen zijn overal aanwezig in de katholieke Kerk. Wie een kerk binnenstapt, kan er niet omheen: het gebouw staat vol heiligenbeelden of er zijn wel enkele muurschilderingen of schilderijen met heiligen op. Sommige van die beelden kennen een heuse verering. De meeste lezers weten zelfs voor welk probleem ze zich tot welke heilige moeten richten. Apollonia voor de tandpijn, Hubertus voor de dierenzegening, Antonius van Padua voor het terugvinden van verloren voorwerpen …
Maar wat is een heilige? Heilig is eigenlijk een etiket dat iemand krijgt. Je wordt dus nooit als een heilige geboren. Je kunt enkel door de Kerk heilig verklaard worden. De Kerk doet dat wanneer ze van iemand vindt dat die Jezus’ leven goed geïmiteerd heeft of met andere woorden dat die een navolgenswaardig voorbeeld is van christelijk leven.
Een mirakel, iemand?
Een heiligverklaring is een proces in drie stappen. Wanneer iemand overlijdt en die persoon heeft een reputatie van heiligheid, dan ontstaat er vaak verering op het graf van die persoon. De bisschop wordt dan genoodzaakt om een onderzoek in te stellen: mag die persoon wel vereerd worden? Is het wel een mogelijke heilige? Wanneer het onderzoek wordt opgestart, krijgt de kandidaat-heilige het statuut van ‘Dienaar Gods’. Als men in Rome (in het Dicasterie van de Heiligverklaringen) het dossier ontvankelijk verklaart voor mogelijke heiligverklaring, krijgt de persoon de titel van ‘Eerbiedwaardig’.

Als de kandidaat geen martelaar is, dan moet er bij de christelijke biografie van de kandidaat een mirakel toegevoegd worden. Meestal gaat het om een wonderbaarlijke genezing. Een commissie van dokters (en geen theologen) beslist of de genezing een medisch wonder is. Daarna moet een theologische commissie onderzoeken of de genezing op voorspraak van de kandidaat-heilige is gebeurd. Als beide commissies zich positief uitspreken, wordt aan de paus gevraagd of hij de kandidaat wil zalig verklaren.
Na een zaligverklaring is een extra wonder nodig om iemand heilig te kunnen noemen
Na de zaligverklaring kan die persoon heilig verklaard worden. Men doet daarvoor het hele zaligverklaringsproces gewoon over. Het is dus een soort van cassatie, zouden wij in België zeggen. Er is alleen een extra wonder nodig. Als dat wordt goedgekeurd, kan aan de paus gevraagd worden om de zalige heilig te verklaren.
Een zalige mag enkel vereerd worden in het bisdom waarvan zij of hij deel uitmaakt en door de orde of congregatie waarvan zij/hij deel uitmaakt (maar dan over de hele wereld). Een heilige mag overal ter wereld vereerd worden. Met andere woorden, toen Pater Damiaan nog een zalige was mocht hij enkel vereerd worden in het aartsbisdom Mechelen-Brussel en door de paters picpussen van over de hele wereld. Vandaar zijn grote verering in Hawaii. Nu hij heilig is verklaard, mogen overal ter wereld kerken voor hem opgericht worden.

Een heiligverklaring start dus vanuit de gewone mensen die iemand beginnen te vereren. Ze dwingen de Kerk als het ware om een proces te starten. In uitzonderlijke gevallen werkt de Kerk op eigen houtje. De Kerk heeft op die manier Jan Van Ruusbroec zalig verklaard. Jan leefde teruggetrokken in het Zoniënwoud en van spontane verering kon dus geen sprake zijn, maar de Kerk oordeelde dat hij zo ongelooflijk belangrijk is vanwege zijn mystieke geschriften, dat de Kerk hem zalig verklaard heeft. Tot op heden blijft Ruusbroec de meest vertaalde Nederlandstalige auteur.
Vereerd versus aanbeden
Ik heb tot nog toe gesproken over de verering van zaligen en heiligen. In sommige artikels of boeken wordt gesproken over de aanbidding van de heiligen, maar dat is fout. Alleen God (en dus de Heilige Drievuldigheid) mag aanbeden worden. Heiligen worden ‘slechts’ vereerd.
Het heiligverklaringsproces kan heel lang duren en daardoor veel kosten. Dat is de reden waarom de meeste heiligen religieuzen zijn. De religieuze ordes en congregaties beschikken doorgaans over de tijd en de middelen om het proces te blijven opvolgen. Bij gewone gedoopten is dat allemaal minder vanzelfsprekend, maar toch zijn gewone mannen en vrouwen en soms zelfs gehuwden heilig verklaard in de geschiedenis. De jongste gelovige die heilig verklaard is, is zelfs een tiener: Carlo Acutis.
Johannes Paulus II en Franciscus samen hebben meer mensen heilig verklaard dan al hun voorgangers bijeen
Niemand weet hoeveel heiligen er precies zijn. Veel hangt af of je bijvoorbeeld de 6.000 martelaars van het Thebaans legioen of de 11.000 maagden van de heilige Ursula meerekent … Op de huidige heiligenkalender staan een zesduizendtal namen. Feit is dat Johannes Paulus II en Franciscus samen meer mensen hebben heilig verklaard dan al hun voorgangers samen! De massale heiligverklaringen zijn een fenomeen van de laatste vijftig jaar.
Elke heilige wordt herdacht op haar of zijn aardse sterfdatum (officieel de geboortedag van de heilige genoemd omdat die dan in de hemel geboren wordt). Met andere woorden: over de heilige Nicolaas weten we enkel dat hij de bisschop van Myra was en … dat hij gestorven is op een zesde december. Een uitzondering is Johannes de Doper, van wie we de geboorte- én sterfdatum herdenken.
Heiligen in soorten
Tijdens de eerste vier eeuwen van het christendom moest je een martelaar zijn om heilig verklaard te worden. Enkel martelaars werden vereerd. Veel van de martelaars blijven tot op heden bekend: Agnes, Lucia, Barbara, Laurentius, Stephanus … Ook Jezus’ apostelen zouden allemaal de marteldood gestorven zijn. In het mei-juninummer van dit tijdschrift heb ik er al op gewezen dat de verering voor Maria pas laat begint, net omdat ze geen martelares was. Wanneer het christendom eind vierde eeuw de Romeinse staatsgodsdienst wordt en daarmee de christenvervolgingen daar stoppen, worden martelaars zeldzamer en ontstaan nieuwe categorieën van heiligen.

(foto: Wikimedia Commons/Arkelin)
De eerste nieuwe categorie van heiligen zijn de belijders. Dat zijn de vrouwen en de mannen die weliswaar niet gestorven zijn voor hun geloof, maar die wel aan sterke verstervingen deden om Jezus te kunnen navolgen: door zich terug te trekken in de woestijn en zich geheel te wijden aan gebed, door straf te vasten … Ze zouden bereid zijn te sterven voor hun geloof, maar er waren geen vervolgingen meer. Een speciale categorie van belijders zijn de maagden. Het gaat om vrouwen die hun seksualiteit hebben opgegeven ter wille van Christus. Andere categorieën van belijders zijn pausen, bisschoppen, abten, weduwen …
Omdat Laurentius levend verbrand werd op een rooster, is hij de patroon van de brandweerlui geworden
Ik heb er aan het begin van dit artikel al op gewezen dat de meeste gelovigen vertrouwd zijn met de specialisaties van de diverse heiligen. De redenen daarvoor zijn uiteenlopend. Soms heeft het te maken met het marteltuig. Laurentius is levend verbrand op een rooster en is daarom de patroon van de brandweerlui en de patroon tegen brandwonden. De diaken Stephanus is gestenigd. Hij is patroon van de diakens en geneest nier- en galstenen. Soms heeft dat patronaat te maken met iets uit de biografie van de heilige. Slechts weinigen weten waarom Antonius van Padua aangeroepen wordt om verloren voorwerpen te vinden. Het heeft – kort gezegd – met iets te maken uit zijn leven. Antonius had een boek omdat hij instond voor de opleiding van de jonge franciscanen. Op een dag werd dat belangrijke boek gestolen! Antonius begon vurig te bidden, de boef kwam onderweg tot inkeer en bezorgde het boek meteen terug.

Veilige gidsen
De heiligen blijven niet alleen populair vanwege hun patronaten waarmee ze de gelovigen bijstaan. Voor hun belangrijkste betekenis verwijs ik graag terug naar het begin van dit artikel: het zijn wegwijzers naar God, met de maagd Maria op kop. Het zijn veilige gidsen. Met vallen en opstaan hebben ze getracht Jezus na te volgen. Het zijn inspirerende bakens die aantonen dat de navolging van Jezus mogelijk is en dat je er niet perfect voor hoeft te zijn.
De heiligen tonen ook aan dat er verschillende charisma’s nodig zijn in de Kerk. Sommigen zijn heel grote geleerden (Thomas van Aquino, John Henry Newman), anderen blinken uit in de naastenliefde (Jan Berchmans, Elisabeth van Hongarije, Moeder Teresa van Calcutta), weer anderen zijn bekend voor hun eenvoud (Benedictus Labre, Niklaus van Fluë). Sommigen werden stokoud (zoals de 105-jarige Antonius met het varken), anderen stierven nog voor ze volwassen waren (Carlo Acutis). Iedereen maakt dus kans!
